____________________________________

Home

 

Natuurgeneeskunde / Werkwijze

 

Vanuit de natuurgeneeskunde proberen we zoveel mogelijk gebruik te maken van het zelfgenezend vermogen van een dier. Ieder levend wezen is zó gemaakt dat hij/zij zelf in staat is om verwondingen of ziektes te boven te komen. Daarvoor hebben we bijvoorbeeld een immuunsysteem (ziektes, verkoudheid), en weefselherstellende mogelijkheden (bij verwondingen), en de eigenschap om afvalstoffen of gifstoffen uit te scheiden (lever, nieren, huid). Maar, er zijn wel voorwaarden verbonden aan dit functioneren. Een hele belangrijke is dat het dier de juiste voeding binnenkrijgt (bouwstoffen), en dat hij voldoende beweging krijgt (doorbloeding, conditie). Maar ook heel belangrijk is dat het dier zijn natuurlijke gedrag kan uiten (voedselzoekgedrag, jagen, verzorging, sociale contacten) en zich veilig voelt (ontspanning). En tenslotte dat het dier de mogelijkheid heeft tot het maken van keuzes. Aan de ene kant stimuleert dit het ‘geestelijk welzijn’ van het dier, maar denk ook eens aan wanneer een dier zich niet lekker voelt en dan vanuit zijn instinct bepaalde dingen wil vermijden (bijvoorbeeld inspanning) of op zoek gaat naar bepaalde kruiden of mineralen om te eten of bijvoorbeeld een modderbad wil nemen (met een mooi woord zoöfarmacognosie genoemd).

 

Dieren die in het wild leven hebben alle mogelijkheden om aan deze behoeftes te voldoen. Maar zodra je een dier in een beperkte ruimte gaat houden, ontneem je hem veel van deze mogelijkheden. Onze huisdieren zijn door de domesticatie in staat om zich aan te passen aan een beperkte levensruimte en gebruik door de mens. Maar het dier heeft nog altijd behoefte aan de basisvoorwaarden voor het functioneren van zijn zelfgenezend vermogen. Gelukkig kunnen we veel alternatieven bieden voor de natuurlijke vorm. Denk maar aan training of spel in plaats van jachtgedrag en goede voeding geven die al kant en klaar is en alle voor dit dier belangrijke ingrediënten heeft.

Maar het is niet altijd mogelijk om alles te kunnen bieden, en gelukkig hebben dieren een marge waardoor het niet direct fout gaat. Zo af en toe een balansdag doet een boel goed. Maar wanneer de balans te lang naar de verkeerde kant hangt, kan het dier ziek worden. Ook dan kan het dier uit zichzelf herstellen, mits (!) de basisvoorwaarden zo optimaal mogelijk worden gemaakt. Binnen de natuurgeneeskunde noemen we dit de ‘maatregelen’.

 

Soms zijn de maatregelen niet genoeg en moet er een hulpmiddel ingezet worden. Dit zijn dan de medicijnen die door de dierenarts worden voorgeschreven. Een nadeel hiervan is dat het de zelfherstellende functie overneemt en eigenlijk het zelfgenezend vermogen een beetje buiten spel zet. Vanuit de natuurgeneeskunde kijken we liever eerst wat het dier nog aan zelfgenezend vermogen heeft en welk natuurlijk middel kan helpen om net dat duwtje te geven dat het dier het weer zelf kan, dit kunnen middelen zijn waarvan wij als mens weten (onderzoek) dat ze genezende inhoudsstoffen hebben of die het dier zelf zou hebben gekozen wanneer het ‘vrij’ zou zijn. Het dier wordt hier dan juist sterker van.

Maar soms is het dier zo ver uit balans dat er middelen ingezet moeten worden die een bepaalde (orgaan)functie overnemen, ook hier kan met natuurlijke middelen gewerkt worden en soms is een regulier middel beter werkzaam en verstandiger om in te zetten.

Een voordeel van reguliere middelen is dat ze vrij snel werken en resultaat geven. Maar het dier is vervolgens ook snel weer uit balans. Door via de natuurgeneeskunde het zelfherstellend vermogen van het dier weer op te bouwen, voorkom je een terugval. Dit opbouwen neemt tijd in beslag, het dier is vaak al maanden lang uit balans (soms jaren) en het heeft dan ook zo’n zelfde tijd nodig om weer te herstellen. Regulier en natuurgeneeskunde kunnen hier heel mooi samen en aanvullend werken, en wanneer de situatie het toe laat kan ook met natuurgeneeskunde worden volstaan. Het voordeel hiervan is dat het dier geen belastende stoffen binnenkrijgt, wat juist bij chronische huidproblemen een grote pré is.

Het mooist is wanneer een ‘disbalans’ al vroeg herkend wordt en dan met maatregelen / middelen snel ondersteund en hersteld kan worden. Zo kunnen kleine kwalen niet uitgroeien tot ernstiger vormen.

 

Het lukt echter niet altijd om een dier weer helemaal beter te laten worden zoals bij een vergevorderde ziekte of erfelijk gebrek, in die gevallen wordt gekeken hoe het dier binnen zijn aandoening of beperking zo goed mogelijk in balans kan worden gebracht.

 

Een natuurgeneeskundige behandeling is dus puur maatwerk. We kijken wat voor dít dier belangrijk is aan basisvoorwaarden en waar dit veranderd of ondersteund moet worden met maatregelen en indien nodig ook met middelen. Zo proberen we het dier weer ‘in balans’ te krijgen zodat hij zelf zijn gezondheid kan onderhouden en dier en baas weer helemaal tevreden zijn.

 

Wie ben ik
Natuurgeneeskunde
Voor wie
Praktijk
Oefenconsult
Informatie
Prijzen
Contact
Links